Vijf mediatips voor Talibankatholieken en andere gelovigen
Artikel, Isidorusweb.nl, 12-11-10; samen met Eric v.d. Berg
Talibankatholieken hebben de media ontdekt. Hostierellen door pastoor Cor Mennen, herrie door klokkenluidende pastoor Harm Schilder in Tilburg, ongelukkige AIDS-uitspraken door aartbisschop Leonard, een doodsverwensing aan het adres van Wilders door katholieke journalist Henk Rijkers, en last but not least een volksoproer als reactie op de misplaatste miskraambrief van de hoofdredacteur van Katholiek Nieuwsblad, Mariska Orbán. 2010 is op zijn zachts gezegd een ongelukkig mediajaar voor de Rooms-Katholieke Kerk.
Er lopen steeds meer talibankatholieken in de katholieke wereld rond. John Allen bedacht eerder dit jaar deze term. Hij bedoelde daarmee “a distorted, angry form of the faith that knows only how to excoriate, condemn, and smash the TV sets of the modern world." Met katholieken als Orbán, Mennen en Schilder lijken ook in Nederland talibankatholieken op te staan om zich te roeren in de media. Dat vinden wij verontrustende ontwikkeling, hoewel we vooralsnog niet bang zijn dat onze medekatholieken met shoebombs de redacties van NRC, de Volkskrant of GeenStijl gaan terroriseren.
Er is ons inziens terecht kritiek op de manier waarop de Rooms-Katholieke Kerk haar boodschap uitdraagt in het publieke debat. Vertegenwoordigers van de catholica slagen er niet in om het katholieke standpunt zo voor het voetlicht te brengen dat 'gelijk hebben' zich kan vertalen in 'gelijk krijgen'.
Wij hebben dezelfde kritiek geuit, recentelijk inNederlands Dagblad, in Brabants Dagblad en op de website Communicatie Online. Met veel applaus en kritiek van enkelen als reacties. In de katholieke blogosfeer bestaat de kritiek uit het creëren van verkapte werkverschaffing en dat we geen oplossingen zouden aandragen. Om het eerste kritiekpunt kunnen wij glimlachen, het tweede vraagt verdere verheldering.
Wij willen daarom vijf tips geven aan talibankatholieken en andere gelovigen die zich buiten de veilige maar krimpende katholieke ‘inner circle’ willen begeven.
1. Presenteer niet alleen religieuze motieven
Vertaal je boodschap. Dooddoener numero uno die te vaak wordt vergeten. Ruard Ganzevoort spreekt terecht in Dit Is De Dag over een patroon dat wij herkennen: een onversneden boodschap roept felle weerstand op en de brenger van de boodschap lijkt zich van geen kwaad bewust. Zoals wij al eerder schreven mag een kerk op ideologische gronden claimen dat zij de waarheid in pacht heeft. Niemand kan een kerk verwijten ideologisch bezig te zijn met een geweldige boodschap voor mensen van goede wil.
Het is en blijft echter le ton qui fait la musique. Mensen hebben ontzettend weinig kennis van het katholieke geloof meer. Je kunt daardoor niet meer aankomen met een puur geloofsverhaal. Men weet niet waar je het over hebt. De katholieke boodschap vraagt om contextualisatie en een genuanceerde vertaalslag die aansluit bij de samenleving waarin we leven.
Niet-christenen identificeren zich niet met de Rooms-Katholieke Kerk als er onversneden boodschappen de wereld in worden gestuurd. Mensen voelen zich niet thuis bij dergelijkeboodschappen om welke valide reden dan ook. Mensen willen zich ook niet associëren met de kerk als instelling als we ons zo verdedigend blijven opstellen. De kerk zou veel meer aan marketingcommunicatie kunnen doen om optimale waardering voor de kerk te versterken. Overigens, maat houden en beheersing is belangrijk: Te veel contextualisatie kan populaire zijn, getuige pastoor Vlaar, maar werkt tegen je eigen identiteit.
Goede voorbeelden zijn: Antoine Bodar die meedoet mee aan het 'profane' discussieprogramma Het Lagerhuis, de theoloog/publicist Anton de Wit, die in Rondom 10 meediscussieert over creationisme, en Tweede Kamerlid Esmé Wiegman (Christenunie) die door gebruikmaking van medische argumenten het anti-abortusdebat in de kamer 'wint'. Ze krijgt abortus niet verboden, zoals haar geloof dicteert, maar ze bereikt er concreet meer mee dan de 'miskraambrief' van Orbán. Of de foetuspoppetjes van De Jong.
2. Maak het niet persoonlijk
Wie aandacht wil vragen in het publieke debat voor zijn of haar zaak, doet dat vaak uit sterke persoonlijke overtuiging of motivatie. Wie deze persoonlijke motivatie teveel uitvent, krijgt deze als een boemerang terug. Dat zie je bij het Katholiek Nieuwsblad. Orbán verliest de strijd door keer op keer persoonlijke argumenten te gebruiken, dan weer tegen de maatschappij dan weer om haar eigen positie te verstevigen.
Politici als Jan Marijnissen, wijlen Pim Fortuyn en Geert Wilders zijn meesters in het voorwenden van persoonlijke motivaties. In hun politiek verhaal komt altijd 'een oma', 'een tante' of 'een buurman', meestal vergezeld van frase als 'laatst hoorde ik….' Dit lijkt allemaal heel persoonlijk, maar gewiekste politici houden hun eigen privé-omstandigheden graag binnen boord: ze schermen hun familie en medisch dossier af van de media. Bekende katholieken kunnen hiervan leren. Maak het niet écht persoonlijk, want op emotionele argumenten verlies je het geheid.
3. Vecht niet tegen windmolens
Onverzettelijkheid is één van de kenmerken van de literaire held. Stripheld Asterix de Galliër is er bekend mee geworden. Wie echter in het publieke debat zijn punt wil maken, mag dat met gedrevenheid en passie doen, maar niet ten koste van alles.
De klokkenluider van de Tilburg, pastoor Schilder,vindt – met steun van hulpbisschop mgr. Mutsaerts - dat hij het absolute recht heeft zijn kerkklok te luiden wanneer en hoelang hij wil. Hij gaat elk niveau van de rechtelijke macht in Nederland af om zijn gelijk te halen. Hoewel zijn gevecht voor de vrijheid van godsdienst steun verdiend, krijgt hij voornamelijk hoon over zich heen. Hij vecht tegen windmolens en vervreemdt van zijn omgeving.
Wat de hoogste rechter in Nederland ook beslist, Schilder zal in de publieke beeldvorming voornamelijk bekend zijn als excentriek figuur. Was het niet mogelijk om een minnelijke schikking te bereiken, de klok een halfuurtje later te luiden en de buurtbewoners een avondje uit te nodigen? Is ook heel katholiek, en je wint er een wereld van sympathie mee, zonder dat je je principiële punt helemaal hoeft op te geven.
Zo zijn de Catholic Voices in Engeland is succesvol gebleken om het pausbezoek in de seculiere media voor het voetlicht te brengen. Ze deden dat in samenwerking met de reguliere media, die hier zeer open voor stonden. En de Wereldjongerendagen in Keulen kregen gigantisch veel positieve mediaresponse doordat de media uiterst hoffelijk en positief tegemoet werd getreden.
4. Pas principes van marketingcommunicatie toe
Feitelijk hebben we het in dit artikel over marketingcommunicatie. Onder andere de naam (Rooms-Katholieke Kerk), de vormgeving (het Kruis, wierook, processies), de gebouwen (een Mariakapel, een vol klooster of een lege kerk) en de mensen (van Bodar, Fijen tot mgr. Eijk en paus Benedictus XVI) bepalen het gezicht en imago van de kerk, die mensen tot de kernboodschappen van het christendom kunnen (cq. moeten) leiden. Imago is daarbij een belangrijk aspect, al is 't niet het enige.
Een aantal meer of minder bekende katholieke Nederlanders passen bewust of onbewust de regels van de marketing en de media toe op hun werk voor God en kerk. Priester Roderick Vonhögen podcast over van alles en nog wat, van hoogst religieus tot uiterst alledaags, van spirituele analyses van Harry Potter tot zijn voordurende strijd tegen overgewicht. De eerder genoemde De Jong gaat bowlen met katholieke jongeren. Priester Anton ten Klooster komt met een starterspakket voor Wesley Sneijder. Priester Ruud Verheggen zet zich in voor het profane 'bezinningstourisme' in zijn regio. Een Karmelietes legt in het EO-programma Veertig dagen zonder sex uit hoe zij en haar medezusters zonder seks kunnen.
5. Wees transparant
Met name door sociale media als Twitter en Facebook verandert de wereld zeer snel. Communicatie fragmentariseert, personaliseert, democratiseert en versnelt zich. Een nieuwsbericht deed er tien jaar geleden dagen over veel mensen te bereiken, nu is het een kwestie van minuten.
Dat vraagt om snelle, maar gedegen reacties en een open houding. Het vraag om transparante webcare. Webcare is in kerken een onbekend fenomeen, maar in de praktijk een uitstekend middel om mensen aan je te binden, mensen te helpen en je boodschap uit te dragen. Het betekent enerzijds dat je 'zorgdraagt' (care) voor wat je zegt of plaatst op internet (web), maar anderzijds dat je ook goed in de smiezen houdt waar de 'buzz' in internetland overgaat. Waar veel mensen over praten, ligt je kans om je (religieuze) punt te maken.
Als besluit
Als het stormt, is het vrij zinloos harder tegen de wind in te trappen. Je komt er geen stap verder mee. We kunnen deze tijden uitermate goed gebruiken om te reflecteren op wat we te bieden hebben aan de samenleving. Iedere storm gaat weer liggen. Dit is een tijd voor reflectie, niet voor actie. Willen we mensen bekeren of keren we ons af van de mensen? De snelheid van sociale media vragen om snelle reacties op emotioneel én rationeel niveau. Tegelijkertijd kan de kerk in een niche duiken om ‘slow food’ aan te bieden.
Dit vraagt om een zorgvuldige, genuanceerde strategie. Waar hebben mensen behoefte aan? Wat willen we bereiken? Hoe gaan we dat doen? Via themacommunicatie kunnen we op structurele wijze mensen bewegen om de attitude, kennis en gedrag van mensen ten aanzien van de kerk te verbeteren, om relaties te ontwikkelen en om mensen aan boord te houden. Daarnaast kunnen we via actiecommunicatie mensen direct beïnvloeden om een positieve stap te zetten naar de kerk toe. Dat kan heel concreet, door een adventsactie, door voedselbanken te ondersteunen of door de waarde van een Latijnse mis over te dragen.
Strategisch inzicht betekent ook keuzes maken welke media integraal worden aangewend. Dat betekent keuzes maken in framing naast argumentatie, toerusting en catechese. Het betekent ook mensen voor je winnen zich als ambassadeur in te zetten.
Er is letterlijk een wereld te winnen.
Bron: Dit artikel is tegelijkertijd gepubliceerd op Goedgezelschap.eu en Isidorusweb.nl.
...
|