|
Unglourious Basterds
Recensie, KFA-Filmbeschouwing, 05-09-09
Geweldmeester Quentin Tarantino gaat helemaal los in een fictionele versie van WO II. Centraal gegeven: joden vermoorden Nazi’s (en visa versa). Onder deze enorme simplificatie zitten Tarantino’s handelsmerken: excessief geweld, superbe (en vooral) lange dialogen een Mexican standoff en veel, heel veel wraak.
Tarantino speelt met de gedachte dat de geallieerden in 1943 al de Tweede Wereldoorlog weten te winnen. Niet met militaire overmacht, maar door een bioscoop in Parijs op te blazen waar de hele Nazi-top, inclusief Hitler (Martin Wuttke)l en Goebbels (Sylvester Groth) zich aan de nieuwste propagandafilm vergapen. Eigenaresse van de bioscoop is Shosanna Dreyfus (een mooie rol van Mélanie Laurent), die nog een appeltje te schillen heeft met de Nazi’s in het algemeen en met de daar aanwezige SS-er Hans Landa (Christoph Waltz) in het bijzonder. De wondermooi door Waltz gespeelde Landa, bijgenaamd de ‘Jodenjager’ heeft namelijk haar gehele familie uitgemoord. Landa is een januskop: aan de ene kant een meedogenloze killer, maar tegelijkertijd verfijnd in zijn manieren en humor, en met een fabuleuze talenbeheersing. Tegen deze achtergrond verschijnen ook de titelhelden van de film, de basterds: een ongeregeld zooitje van joodse Amerikaanse soldaten (en een psychopathische Duitse Nazi-hater) verspreid terreur en doodslag onder de Duitse troepen.
Veeltalig
In Unglourious Basterds spreken de verschillende acteurs de talen die bij hun rol horen. Duitsers spreken Duits, Engelsen en Amerikanen Engels en Fransen Frans. Bovendien spreken een aantal acteurs meerdere talen, en vaak met opmerkelijk weinig accent. Speciale waardering voor Christoph Waltz die vier talen beheerst. Ik hoop dat andere regisseurs Tarantino’s voorbeeld hierin zullen volgen. Het interessante is dat Tarantino dit gegeven gebruikt heeft als inhoudelijk instrument. Verschillende scènes drijven de kijker op het puntje van zijn stoel omdat je niet weet of een (bijna perfect) Duitssprekende Engelsman (Michael Fassbender) een SS-officier (August Diehl) kan overtuigen. Behalve spanning schuilt hier – een stuk voorspelbaarder – ook de humor in. De hoofdman van de Basterds Aldo Raine (een schitterende hillybilly-rol van Brad Pitt) moet zich voordoen als een Italiaanse cineast. Nadat Landa hem een paar minuten in vloeiend Italiaans het vuur aan de schenen legt, komt er een afschuwelijk lelijk ‘arriverdeci’, in vol Tennesse-accent. Erg grappig, maar wellicht voor Nederlandse oren geschikt, die gewend zijn naar vreemde talen te luisteren.
Wraak
Het centrale thema van de film is wraak, en wel op allerlei niveau’s. De joodse Sosanna wil wraak op de moordenaars van haar ouders en volk. Landa wil wraak op de door hem zo gewonderde Duitse actrice aka Britse dubbelspion Bridget von Hammersmark (Diane Kruger). De joodse Basterds willen ook wraak nemen op alle Duisters die ze onder handen krijgen. Wraak is een bekend thema in de films van Tarantino, met bekende voorbeelden als Reservoir Dogs, Sin City en Kill Bill 1 en 2.
Toch lukt het Unglourious Basterds het niet zo goed om in die wraakgevoelens te geloven. Sosanna wil je nog wel geloven: zij is getuigen geweest van de slachting van haar familie, maar van de Basterds hoor je eigenlijk van slechts één of twee personen de achtergrond. Tarantino slaagt er gewoonlijk in om in zijn films om je je heel erg te laten identificeren met de karakters (of die nu de good of de bad guys spelen). In Unglourious Basterds kom je veel te weinig van de karakters te weten om je aan ze te hechten. Zelfs als in een kroegscène de helft van de Basterds (en alle aanwezige Duitsers) worden neergeschoten, heb je bijna meer medelijden met de net vader geworden Duitse soldaat )Alexander Fehling) dan met de verder anoniem gebleven Amerikanen.
Ik vermoed dat een excessief snijden van de regisseur de reden hiervan is. Het script van Unglouriuous Basterds was ooit groot genoeg om drie films te maken, maar Tarantino had het terug gebracht tot één, en daarna in de snijkamer nog meer dan de helft weggesneden. Waarschijnlijk zitten in deze ‘director’s cut’ de scènes die de karakters van vlees en bloed maken. Jammer, heel jammer dat die zijn weggelaten.
Geweld
Dan nog iets over het onvermijdelijke geweld bij Tarantino. Zoals ik in mijn recensie van Sin City als opmerkte zouden de ongelofelijke hoeveelheid bloed, cynisme, martelingen en zinloze moordpartijen elke film tot B-garnituur devalueren, maar gek genoeg werkt het bij Tarantino niet zo simpel. De bottom line van veel van Tarantino’s films is dat de wraak weliswaar is uitgevoerd, maar meestal ten koste van (bijna) alles. Reservoir Dogs is hier het radicaalste voorbeeld van: de wraak is genomen, maar iedereen is dood. In Unglourious Basterds neemt Sosanna wel wraak op de Duitsers (en hoe!), maar ze betaalt ervoor met haar eigen leven en dat van de man waarvan ze houdt.
Schaamte
Tarantino speelt heel geraffineerd met de gevoelens van de kijker. Als Hitler tijdens de voorstelling van de propagandafilm 'Trost der Natie' kwijlend grinnikt om de honderden Amerikaanse soldaten die koelbloedig worden afgemaakt, wordt de walging van de kijker voor de Nazi's steeds groter. Dan breekt de orgie van geweld in de bioscoop los: twee joodse basterds maaien alle Nazi-kopstukken weg, met speciale aandacht voor Hitler. Als kijker - ik dus ook - zit je eigenlijk te genieten van deze afrekening. 'Boontje komt om zijn loontje', denk je dan. Nog nooit zag ik een film waarin aan de collectieve haatgevoelens van het publiek ten opzichte van de Nazi's zo bevredigd wordt. En als je dan de bioscoop uitloopt, kan je het niet helpen dat je je even schuldig voelt dat je je hebt laten meeslepen in de geweldsorgie. Tarantino geeft je geweten een trap na, een film om over na te denken.
Bron: Deze recensie is gepubliceerd op KFA-Filmbeschouwing.nl.
|