|
Een klein mea culpa van Benedictus in rondzendbrief
Artikel, Isidorusweb.nl, 13-03-09
Benedictus XVI spreekt in deze brief een klein mea culpa uit, maar het onbegrip voor alle kritiek die hem te beurt is gevallen, steekt er scherp tegen af. We zien een gekwetste paus, die omwille van de grote wens tot eenheid van de aan hem toevertrouwde kerk, zich afvraagt waar hij dit allemaal aan verdient heeft. Hij steekt de hand in eigen boezem, maar voelt zich ook 'geranseld'. Een eerste analyse.
In de rondzendbrief van paus Benedictus XVI aan alle bisschoppen van de katholieke kerk geeft hij rekenschap van de commotie die is ontstaan na de opheffing van de excommunicatie van vier traditionalistische bisschoppen. Vooral de ‘rehabilitatie’ van de holocaustontkenner mgr. Williamson zorgde voor een internationale storm van proces. In deze speciale rondzendbrief steekt de paus de hand in eigen boezem, maar hij voelt zich ook “geranseld”. De brief lekte donderdag al uit via de website van de Frankfurter Allgemeine. Hieronder volgt een eerste analyse van de brief die vandaag officieel wordt verstuurd. Inmiddels is er een Engelse vertaling beschikbaar; aan de Nederlandse wordt nog gewerkt.
Opheffing excommunicatie is geen rehabilitatie
Benedictus begint met een omstandige uitwijding over de aard van excommunicatie. “Excommunicatie treft personen, geen instituten.” Hiermee wil de paus aangeven dat de de excommunicatie van de traditionalistische bisschoppen niet betekent dat zij hun ‘gewone’ ambt in de kerk kunnen opnemen. “Zolang de broederschap [van Pius X] geen canonieke status heeft in de kerk, zolang kunnen haar ambtsdragers ook geen rechtmatige ambten in de kerk vervullen.” Benedictus verklaart zijn houding uit herderlijke en pastorale overwegingen. Als de opvolger van Petrus moet hij zich inzetten voor de eenheid van de kerk. De opheffing van de kerkelijke ban moet verstaan worden als een eerste gebaar van verzoening in de hoop dat de Lefebvrianen hun radicalisme zullen temperen. De opheffing van de excommunicatie is dus uitdrukkelijk geen rehabilitatie, zoals door diverse media – inclusief van katholieke signatuur – wel werd vermeld.
‘Slechte timing’
Benedictus XVI steekt de hand gedeeltelijk in eigen boezem. Hij spreekt van een ‘slechte timing’, waardoor de opheffing van de kerkelijke ban samenviel met de uitzending van een tv-interview waarin Williamson zijn beruchte woorden spreekt. De paus stelt “dat we de media voortaan beter in de gaten moeten houden.” Hij beseft dat er onrust ontstaan is in de kerk en dat de relatie met het jodendom “onder grote druk” is komen te staan. Tegelijkertijd beklaagt de kerkvorst zich over de “bittere” reacties, ook vooral van binnen uit de kerk, die hem zeer aangegrepen hebben. Hij hoopt dat “het misverstand snel uit de wereld” geholpen kan worden en dat een “atmosfeer van vriendschap en vertrouwen” weer hersteld kan worden.
Vaticanum II erkennen
Als de Lefebvristische bisschoppen weer in volledige harmonie met de kerk willen komen, moeten zij de documenten van Vaticanum II accepteren, vooral die over de interreligieuze dialoog en de relatie met het jodendom. Als belangrijkste taak voor de christenheid schetst Benedictus het preken van de boodschap van Christus aan mensen, “uit wiens horizon God verdwenen is”. Als integraal onderdeel van deze prediking begrijpt de paus het gesprek met het jodendom, de oecumene met de andere christelijke kerken en de interreligieuze dialoog.
Klein mea culpa
Benedictus XVI spreekt in deze brief een klein mea culpa uit, maar het onbegrip voor alle kritiek die hem te beurt is gevallen, steekt er scherp tegen af. We zien een gekwetste paus, die omwille van de grote wens tot eenheid van de aan hem toevertrouwde kerk, zich afvraagt waar hij dit allemaal aan verdient heeft.
Bron: Dit artikel is gepubliceerd op Isidorusweb.nl.
|