Over scheidingen en Utrechtse soep
Ingezonden brief, Trouw, 04-02-08
In het het artikel, ‘De Geest van Calvijn dwaalt door de rk kerkprovincie’ van Moniek Slingerland (Verdieping, 31-01-08) staat geschreven: “Zelfs de trouwste katholieke kerkgangers mogen niet de communie wanneer zij gescheiden zijn al waren er nog zulke goede redenen om het huwelijk te ontbinden.” Dit is echter niet juist.
Het kerkelijk wetboek van de r.-k. kerk voorziet expliciet in de mogelijkheid van ‘scheiding tussen tafel en bed’ als dat voor de fysieke en/of psychische gezondheid en veiligheid van de beide huwelijkspartners noodzakelijk is. Dit is geen scheiding zoals de Nederlandse wet die kent, in de zin van een ‘ontbinding’ van het huwelijk. De twee gehuwden blijven dat volgens het kerkelijk recht, maar wonen dus niet meer samen. Deze scheiding tussen tafel en bed maakt op geen enkele manier het ter communie gaan onmogelijk: men leeft immers niet ‘in zonden’, zoals dat vormelijk heet.
Excommunicatie
Pas als eerder kerkelijk gehuwde mensen besluiten een nieuwe relatie aan te gaan, beginnen de kerkjuridische problemen. Een nieuwe relatie kan twee vormen hebben: samenwonen mét of zonder (nieuw) burgerlijk huwelijk. In beide gevallen is er volgens de r.-k. kerk sprake van ‘ontucht’, namelijk het samenwonen met iemand anders dan de ‘echte’ partner. En dat ‘in zonden leven’ is dan de feitelijke reden van de excommunicatie, die overigens niet door een bepaalde kerkelijke instantie wordt uitgesproken. Het zijn de nieuwe partners zelf die zichzelf – door de regels te overtreden – zichzelf feitelijke excommuniceren, dat wil zeggen dat zij zich buiten de regels c.q. grenzen van de gemeenschap van de r.-k. kerk zetten. Hoewel dit keihard lijkt, wil ik graag verwijzen naar de opmerkingen van mgr. Eijk en Antoine Bodar in hetzelfde artikel om de Roomse wet wat ‘Italiaanser’ te gemoed te treden.
Nietigheidsverklaring
In sommige gevallen kan wel een ‘nietigverklaring’ van een huwelijk worden uitgesproken door een kerkelijke rechtbank. Daarin wordt feitelijk gesteld dat het huwelijk niet onder de juiste condities is gesloten. Dit huwelijk heeft dus eigenlijk nooit bestaan. De gevallen waarin dit echter kerkjuridisch een mogelijkheid is, zijn echter zeer beperkt. En de te volgen procedure is verre van prettig.
Utrechtse soep
Los van het feit wat ik hier nu precies van vind, is het een belangrijke nuance binnen de berichtgeving van Trouw over de perikelen in de r.-k. kerk, waarin alles zo gevoelig ligt dat inderdaad op elk slakje zout moet worden gestrooid. Dit geldt zeker in de berichtgeving – zeker niet alleen in Trouw – over de benoeming van de nieuwe aartsbisschop van Utrecht, mgr. Eijk. Hoewel hij een reputatie van kerkelijke ijzervreter heeft, zou ik toch willen pleiten om de man wel de tijd te geven zichzelf in zijn nieuwe rol te presenteren. Ik roep graag het rampbeeld op, dat velen voor ogen had toen kardinaal Ratzinger tot paus Benedictus XVI werd gekozen. Hoe kon de ijzervreter van de Congregatie voor de Geloofsleer nu ooit een pastorale en diplomatieke functie als paus vervullen? En zie, het valt allemaal reuze mee. Vriend en vijand zijn het er over eens dat de man in zijn nieuwe functie is gegroeid en dat de Romeinse soep niet zo heet gegeten hoeft te worden. Geef Eijk dezelfde tijd en ruimte. En blaas eerst even over de Utrechtse soep voor je hem proeft.
Bron: Deze brief is in ingekorte versie verschenen in dagblad Trouw.
...
|